Hier het vervolg van onze reis. De metro is een uiterst belangrijke levensader voor de Koreanen. Er zijn maar liefst 9 lijnen onder de grond, soms wel met een stuk of 10 uitgangen naar buiten. Het is dus een goede zaak om in iedergeval een platte grond van de metro bij je te hebben en anders vind je ze wel op diverse plekken aan de muur op de stations. Je kunt voor 1000 Won, ongeveer 0,65 Eurocent een enkele reis OV kaart kopen, welke na gebruik 500 Won statiegeld oplevert. Beter nog kun je een OV kaart kopen welke je kunt opladen, dus zoveel gebruiken als je maar wilt voor 3000 Won. Wij hebben gekozen voor een soort sleutelhangermodel van 5000 Won, welke discounts geeft bijvoorbeeld bij het overstappen op transferstations.
Als je dus een ingang naar een metrostation hebt gevonden, ga je met je OV pas door het poortje. Daarbij moet je al van te voren kijken, of de metro naar jouw doel rijdt of juist in tegengestelde richting, anders zit je al fout. Ook heb je al van te voren gekeken op welke stations je moet overstappen, hoeveel stations er tussen zitten enzovoort. Het is dus best ingewikkeld en je moet je hoofd er goed bij houden. Als de metro in aantocht is gaat er een muziekje van 4 regels. Dat is op elk station hetzelfde. Vervolgens hoor je een vrouwelijke computerstem die zegt dat de metro in aankomst is, eerst in het Koreaans, best pikant, daarna in het Engels (helemaal niet pikant).
Vervolgens arriveert de metro en gaan de glazen deuren open. In de metro is een vaste plaats voor ouderen en minder validen aan weerszijden. Ook zijn er coupes met plaats voor een rolstoel.
Er reizen zoveel mensen met de metro, dat je van geluk kunt spreken als je kunt zitten. Het is er echter nooit overvol, zoals je in Japan wel ziet. Ook heel erg schoon en zonder graffiti. Wel hangt er een rare geur, mogelijk desinfecterend en ook zie je geen ouderen met rollator. Ze zijn allemaal nog fit.
De metro's rijden onder de grond net zo snel als de treinen bij ons boven de grond. Er hangen monitors die aangeven welke het eerstvolgende station wordt en aan welke kant je moet uitstappen. Ook wordt het nog eens in het Koreaans (vrouwelijke computerstem) omgeroepen en daarna nog een keer in het Engels. Wanneer je uiteindelijk op een transferstation uitkomt, stap je uit, indien nodig en ga je op zoek naar het nummer van de volgende lijn. Bij ons is dat vaak van lijn 4 naar lijn 1. Je loopt dan hele afstanden om uiteidelijk bij een trap / roltrap uit te komen, welke nog eens een etage dieper onder de grond ligt. Kennelijk kruisen de lijnen elkaar ondergronds. Soms na 1 of 2 haltes moet je er al weer uit om van een nog andere lijn, bijvoorbeeld lijn 5 gebruik te maken. Eenmaal bij het gewenste station stap je uit en komt dan onderweg de poortjes tegen, die je afmelden (OV-Kaart). Daarna ben je er nog niet. Je moet de uitgang zien te vinden, die het dichtst in de buurt is van jouw doel, anders kom je helemaal op de verkeerde plek naar boven, wat een boel tijd en frustratie met zich meebrengt.
Al die tijd onder de grond heb je niets van Seoul gezien en boven lijkt alles op elkaar. Wij hebben daarom al een paar keer de routes boven de grond gelopen, overigens voor de Koreanen volkomen onbegrijpelijk. Begroeten de Japanners je met Moshi-Moshi als je een winkel binnen stapt. Hier wordt je begroet met Seoo-Seoo, tenminste zo klinkt het in onze oren. Ook bij het verlaten van de winkel.
Het restaurant. Ook dat is een interessante happening. "Lotte" is het nummer 1 warenhuis van Korea, vergelijkbaar met de Bijenkorf. In de ondergrondse verdieping zit een enorm grote foodcourt, waar je werkelijk uit alle mogelijke gerechten kunt kiezen, ook Westers. Je moet onthouden welk eten je hebt gezien, en exact op welke locatie. Voor ons was dat nieuw, dus wij hebben het aangewezen, er liep een Koreaanse met ons mee, en eenmaal teruggekomen bij de counter, had zij een lijst met barcodes en daar stond de betreffende traitteur en de betreffende maaltijd op. Die gegevens gingen in een digitale 8 kantige schijf per klant, dus voor ons twee schijven, welke we mee naar onze tafel moesten nemen. Het leek wel een tijdb*m en na enkele minuten ging deze af. Met rood oplichtende leds en een getril net zoals een mobiletje. Niet om een knal te geven, echter het betekent dat je maaltijd gereed is en in de verte zagen we de betreffende traitteur al naar ons wuiven. Doeltreffend en high-tech is het dus wel. Ik heb overigens biefstuk in oestersaus genomen (met gebakken rijst), waarbij oestersaus slechts een benaming is en niets met oesters van doen heeft.
Op de dag dat we naar Lotte gingen bevonden wij ons in het Business Center van Seoul, waar alles even chique is, zelfs de uitgang van de metro, volledig van prachtig natuursteen, wat in Italie niet zou hebben misstaan.
Alle mannen keurig in het pak en de vrouwen zagen er beeldig uit. Het barstte er van de weelderige restaurants, waar een lichte maaltijd al gauw meer dan 10,- euro moet opleveren. En zo licht waren die maaltijden niet, dus daar wordt flink geld uitgegeven door de bureaucratie tijdens de dagelijkse lunch.
Juist in deze zakenbuurt ligt een zeer uitgestrekte kunstmatige waterval, die veel bezoekers trekt en waar veel te doen is.
De opvallendste etnische groep in Seoul zijn de Turken. Ze verkopen ijs, zoals de Italianen hier in Europa. Uiteraard haal je ze er zo uit en we hebben ze wel gesproken. Op vakantie gaan ze wel naar huis, maar Korea biedt ze een beter bestaan dan in Turkije. Daarnaast is het merendeel van de touristen Amerikaans en er zijn er natuurlijk veel hier gelegerd.
Overal waar we tot nu toe geweest zijn hoorden we al snel Hollands, maar in Seoul nog geen Hollanders gespot. Kwalitatief hebben de Koreanen veel betere waren te koop dan de Chinese markt. Seoul is bovendien niet zo gehaast als Hong Kong en niet zo dynamisch als Bangkok.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten